Diergeneeskundige ondersteuning
 
Algemeen
Diergeneesmiddelen (www.fagg.be)
Meldingsplicht
Koopvernietiging
DGZ Online
Meer info
Login
Paswoord vergeten
Registreren

Mond- en klauwzeer

1. Algemeen
2. Het virus
3. Pathogenese of hoe maakt het virus de patiënt ziek
4. Ziekteverschijnselen en letsels
5. Epidemiologie
6. De verdenking
7. Tijdelijke maatregelen ter bestrijding van MKZ


1. Algemeen

Mond- en klauwzeer is gekend als een van de meest besmettelijke virale ziekten van de tweehoevigen. In dit artikel wordt gepoogd om aan de hand van literatuurgegevens en foto’s van aangetaste dieren, bij te dragen tot de praktische kennis over MKZ en de herkenning van het symptomenbeeld door de bedrijfsdierenartsen en de veehouders.

Terug

2. Het virus

MKZ wordt veroorzaakt door een picornavirus. Het kan in aërosolvorm in de lucht bij een relatieve vochtigheid van 60% of hoger lang overleven. Dit is van betekenis voor de verspreiding van het virus over grote afstanden (50 km of meer) met de wind.
Het MKZ-virus overleeft in gekoelde, bevroren, gezouten, verduurzaamde en gedeeltelijk gekookte vleeswaren met een neutrale pH. In spiervlees met een pH < 6 kan het virus niet overleven. Het pasteurisatieproces doodt het virus onvolledig en ook producten zoals kaas kunnen besmet zijn.
Het virus overleeft eveneens in sperma en in embryo’s.
Het MKZ-virus wordt bij pH-waarden beneden de 6 snel geïnactiveerd. Een 1%-ge citroenzuuroplossing is daarom een actief ontsmettingsmiddel. In de praktijk is het gebruik van een 2 %-ige oplossing verantwoord omdat het te ontsmetten oppervlak meestal vochtig is.
Andere ontsmettingsmiddelen zijn : natronloog 2%, formaldehyde-gas alsook tensioactieve stoffen verrijkt met aldehyden. Een lijst van erkende ontsmettingsmiddelen wordt gepubliceerd door het FAVV. Het is voor elk product noodzakelijk de door de fabrikant aanbevolen concentratie te gebruiken. Onderdoseren brengt de efficiëntie in gevaar. Overdoseren verhoogt de werking niet en wordt meestal als hinderlijk ervaren.
Het MKZ-virus tast de tweehoevigen aan, zowel huisdieren als wilde dieren. Ook olifanten, kamelen, lama’s, alpaca’s, egels en ratten zijn er gevoelig aan. Ratten vertonen nooit ziektetekens maar scheiden het virus lang uit met hun faeces. Zo kunnen ze het MKZ-virus verspreiden in hun leefwereld.
Mest van aangetaste dieren blijft 3 tot 6 maanden infectieus, veevoeders tot 1 maand nadat de aangetaste dieren opgeruimd zijn.
De mens is niet gevoelig voor het MKZ-virus, maar kan er, na contact met besmette dieren, wel gedurende enkele etmalen (48 uur) drager (keelslijmhuid) van zijn en het verspreiden met de ademlucht. Op de haren zou het virus tot 1 maand besmettelijk kunnen blijven, in besmette kleren tot 3 maanden.

Terug

3. Pathogenese of hoe maakt het virus de patiënt ziek

Bij runderen treedt na een intranasale of perorale infectie de eerste virusproductie op in de slijmhuid van de keel. Dit gaat niet gepaard met de ontwikkeling van waarneembare blaren of ziektesymptomen. De ontwikkeling van een discrete blaar op de tong of de lippen is weliswaar mogelijk (Foto 1), maar wordt zelden opgemerkt. Deze primaire infectie wordt snel gevolgd door een viremie, waarbij het serum veel virus kan bevatten. Deze viremie eindigt na een vijftal dagen, wanneer de seroneutraliserende antistoffen aantoonbaar worden.
De viremie leidt tot virusverspreiding en -vermeerdering in o.a. de lymfeklieren, het verhoornde epitheel van verschillende gevoelige slijmvliezen en de huid. In dit stadium treedt er reeds virusuitscheiding op via de melk en heeft er ook een invasie van de hartspier plaats, die kan resulteren in een myocarditis (ontsteking van de hartspier).
Ziektesymptomen treden op wanneer zich blaren vormen in het verhoornde epitheel. Normaal treedt dit twee tot zeven dagen na de infectie op maar soms ook later (tot 14 d na een aërogene besmetting). Rundvee is zeer gevoelig voor de infectie, ook na het inademen van besmette lucht. Zij vertonen altijd duidelijke symptomen en worden daarom verklikkers genoemd.
Blaarwand en blaarinhoud bevatten zeer grote hoeveelheden virus die bij het opengaan van de blaar en het loslaten van de epitheelflarden in de omgeving worden verspreid. Ook het losse stuk huid van een blaar bevat veel smetstof.
De letsels genezen in het algemeen snel, tenzij bacteriële infecties optreden. Dit is in de mondholte minder het geval dan aan de klauwen.
Bij genezen runderen maar ook bij runderen die de infectie subklinisch doormaakten, persisteert het virus in de keelslijmhuid en wordt het verder uitgescheiden. Deze virusdragers kunnen het virus meer dan een jaar uitscheiden.
Met de seroneutralisatietest zijn vijf tot zeven dagen na de infectie antistoffen aantoonbaar. Ze bereiken na twee tot drie weken een maximale titer, die dan afneemt tot een plateau dat, althans bij runderen, jarenlang aanwezig blijft. Deze antistoffen zijn stamspecifiek. De immuniteit na het doormaken van de natuurlijke ziekte tegen een herinfectie met een homologe stam blijft bij runderen meerdere jaren aanwezig.
Bij schapen en geiten zijn de symptomen vaak minder duidelijk, zodat de ziekte bij deze diersoorten soms niet herkend wordt. Zij moeten in het algemeen beschouwd worden als mogelijke dragers zonder duidelijk merkbare klinische symptomen of letsels.
Bij het varken gebeurt de infectie meestal per os door het eten van besmet voedsel, bv. keukenafval. Varkens scheiden na een infectie zeer veel virus uit via ademlucht en zouden via deze weg drieduizend keer meer virus uitscheiden dan runderen. Zij moeten in het algemeen beschouwd worden als de gastheer waarin het virus zich het meest efficiënt vermeerdert. Zij zorgen bijgevolg voor een grote hoeveelheid virus in de lucht en besmetten zo runderen en andere diersoorten.
Bij alle diersoorten start de virusexcretie verschillende dagen vóór het verschijnen van de eerste symptomen. Dit betekent bijgevolg dat de infectie reeds sterk verspreid kan zijn als de eerste symptomen bij de eerst besmette dieren worden opgemerkt.

Terug

4. Ziekteverschijnselen en letsels

De ziekte veroorzaakt koorts gevolgd door de ontwikkeling van blaren (zie foto’s van aangetaste runderen, varkens en schapen in bijlage) in de muil, op de kroonrand van de klauwen en de bijklauwen en op de huid van de tussenklauwspleet. Bij melkkoeien en zeugen kan ook blaarvorming optreden aan de uier of aan de spenen. Aangetaste dieren zijn ziek en eten veel minder of niet. Bij koeien in lactatie valt de melkgifte plots weg. De dieren kunnen wegens pijn aan de klauwen moeilijk stilstaan en manken duidelijk.
Bij alle diersoorten is de koortspiek meestal voorbij als de eerste symptomen optreden.
Het is daarom noodzakelijk om van enkele dieren in de buurt van een dier met verdachte letsels, de temperatuur te nemen.
Dieren van alle leeftijden zijn gevoelig maar bij jonge dieren is het ziekteverloop vaak ernstiger dan bij oudere dieren. Kalveren, biggen en lammeren kunnen plotseling dood neervallen ten gevolge van een acute hartspierontsteking.
De letsels zijn het meest uitgesproken bij het rund en het varken. Bij schapen en geiten zijn de symptomen meestal minder duidelijk en ze kunnen gemakkelijk onopgemerkt voorbijgaan. Als er in een kudde schapen of geiten voorkomen die antistoffen hebben opgebouwd, dan is de kudde zeker besmet.

Bij het rund wijzen de volgende symptomen op mond- en klauwzeer :
  • niet eten;
  • verminderde melkproductie;
  • koorts gedurende 1 tot 2 dagen;
  • overvloedig speekselen (zie Foto 2);
  • smekken en tandenknarsen;
  • onrustig staan, pijnlijke klauwen, kreupelheid;
  • blaren en letsels t.g.v. blaren op de tong, de wangen, de binnenzijde van de lippen, het verhemelte, het tandvlees, de tepels en de uier, de tussenklauwspleet en de kroonrand (zie Foto 3, Foto 4, Foto 5, Foto 6, Foto 7, Foto 8, Foto 9, Foto 10);
  • plotse sterfte bij kalveren door myocarditis.
Vanaf twee dagen na infectie kunnen de ziekteverschijnselen optreden. Het virus vermeerdert zich snel en verspreidt zich direct van dier tot dier of wordt indirect overgedragen door de mens of door materialen. Men moet de gevallen van kreupelheid ernstig onderzoeken, zodat MKZ niet kan verward worden met stinkpootinfecties. Hetzelfde kan gezegd worden van IBR-infecties. Een andere differentiaaldiagnose bij het kalf is stomatitis papulosa. Een zeer zeldzame differentiaaldiagnose is boosaardige catarraal koorts.

Bij schapen en geiten wijzen de volgende symptomen op mond- en klauwzeer :
  • plotselinge, ernstige kreupelheid bij meerdere dieren;
  • veel liggen, de dieren zijn traag, er is weerstand om ze op te drijven;
  • wegvallen van de melkproductie;
  • koorts;
  • blaren op de kroonranden, aan de tussenklauwspleet, de neus, de lippen, de tong, het tandvlees en de uier (zie Foto 11, Foto 12, Foto 13, Foto 14, Foto 15, Foto 16);
  • plotse sterfte van lammeren.
Deze symptomen worden zelden allemaal tegelijk gezien. Bij schapen en geiten zijn de verschijnselen dikwijls minder uitgesproken. De infectie kan zelfs zonder opgemerkte symptomen verlopen. Men moet de gevallen van kreupelheid ernstig onderzoeken, zodat MKZ niet kan verward worden met rotkreupel. Een andere differentiaaldiagnose bij het schaap is ecthyma contagiosa.

Bij het varken wijzen de volgende symptomen op mond- en klauwzeer:
  • plotselinge kreupelheid;
  • niet eten, de varkens zijn traag;
  • koorts;
  • veel liggen en tegen elkaar kruipen, de varkens schreeuwen bij het opjagen;
  • blaren aan de kroonranden, de tussenklauwspleet, de bijklauwen, de muil, de snuit, de lippen en de spenen (zie Foto 17, Foto 18, Foto 19, Foto 20, Foto 21, Foto 22);
  • plotse sterfte van zuigende biggen.
Dikwijls zijn de symptomen onduidelijk. De blaarvorming treedt hoofdzakelijk op rond de klauwen en de blaren zijn alleen zichtbaar bij nauwkeurige inspectie van propere klauwen. De symptomen van blaasjesziekte (SVD) en mond- en klauwzeer zijn nagenoeg niet van elkaar te onderscheiden. Andere differentiaaldiagnoses bij het varken zijn kleine kwetsuren aan de snuit en de poten en letsels door bijtende producten of te warme verwarmingsbuizen.
Beschouw echter alle verdachte letsels als mogelijke letsels van MKZ.

Terug

5. Epidemiologie

Runderen, schapen en geiten die mond- en klauwzeer hebben doorgemaakt, scheiden het virus lang uit via het speeksel en de ademlucht en kunnen bijgevolg deze ziekte gemakkelijk overdragen in een nog onbesmette veestapel. Aangezien schapen en geiten dikwijls geen symptomen vertonen, gedragen ze zich bijgevolg vaak als verdoken virusdragers. Het rund en het varken daarentegen kunnen als verklikkers aanzien worden.
Bij varkens is omstreeks 14 dagen na de infectie geen virus meer aantoonbaar maar voor het verschijnen van de eerste symptomen scheiden besmette varkens duidelijk meer virus uit via de ademhalingswegen dan runderen, schapen en geiten.
Deze vroege virusuitscheiding en niet het minst bij de varkens, betekent bijgevolg dat een infectie met MKZ-virus reeds sterk verspreid kan zijn als de eerste symptomen bij de eerste besmette dieren worden vastgesteld. De uitgebreide handel, het transport van dieren en de frequente trafiek van personen op de veeteeltbedrijven werkt deze verspreiding sterk in de hand.

Terug

6. De verdenking

Wanneer een dierenarts bij een dier of een groep zieke dieren geroepen wordt, voert hij een grondig klinisch onderzoek uit. Wanneer hij een verdenking van MKZ of symptomen vaststelt, vooral bij recent aangevoerde dieren (handelsverkeer, aankoop, invoer) die aan de mogelijkheid van MKZ doen denken:
  • verwittigt hij onmiddellijk telefonisch de PCE van het FAVV (eventueel via het call center nummer 02/208.41.27) van de verdenking met opgave van de naam, het adres, het telefoonnummer, het aantal verdachte dieren en de vastgestelde symptomen. Hij moet op het bedrijf aanwezig blijven tot de PCE ter plaatse is en mag zeker geen andere bedrijven bezoeken. De PCE zal eventueel als expert een dierenarts van Dierengezondheidszorg Vlaanderen oproepen. In geval van het geringste vermoeden van MKZ, zal overgegaan worden tot de staalnamen (blaarvocht, huidstukjes van opengebroken blaren, swabs speeksel en gestolde bloedstalen) en zullen deze stalen verpakt in een gesloten buitenverpakking (plastieken zak) overmaakt worden aan het MKZ-laboratorium van het CODA. De verpakking met stalen wordt aan de ingang van de hoeve aan de door de PCE opgeroepen en intussen aangekomen bode overhandigd. Merk op dat de bode het bedrijf niet betreedt maar wacht aan de ingang van de hoeve;
  • zorgt hij er samen met de veehouder voor dat het bedrijf onmiddellijk geblokkeerd wordt : niets in, niets uit;
  • blijft hij op het bedrijf tot de PCE hem de toelating geeft om naar huis te gaan;
  • zal hij pas zijn praktijk hervatten wanneer de PCE hem daartoe de toelating geeft;
  • zal hij ondertussen zelf alle voorzorgen nemen (persoonlijke hygiëne, reinigen van de auto binnen en buiten, alle instrumenten en flacons die met het ziek veebestand in contact kwamen vernietigen of ontsmetten) om overdracht van deze zeer besmettelijke ziekte naar andere bedrijven van zijn praktijk te voorkomen.
Terug

7. Tijdelijke maatregelen ter bestrijding van MKZ

De erkende dierenarts moet zich dagelijks voldoende nauwkeurig informeren over de regelmatige aanpassingen van de Ministeriële Besluiten (Belgisch Staatsblad) en de instructies van het FAVV stipt opvolgen waarbij hij inzake de toepassing ervan een voorbeeldfunctie zal hebben. Bovendien is het de taak van de bedrijfsdierenarts zijn clienteel op een duidelijke manier op de hoogte te brengen van de te nemen maatregelen.

Voor de veehouders heeft de bestrijding alleen kans van slagen als de verschijnselen in een vroeg stadium worden opgemerkt en de verspreiding wordt beperkt. Tref bijgevolg zoveel mogelijk hygiënische maatregelen zoals het beperken van de bezoekers, het gebruik van ontsmettingsbakken en het verstrekken van een bedrijfsoverall en -laarzen aan de personen die voor de noodzakelijke diensten op het bedrijf moeten zijn. Beperk de aanvoer van runderen, schapen, geiten, varkens (indien niet verboden) alsook voeder tot het strikt noodzakelijke. Raadpleeg bij de minste verdenking uw bedrijfsdierenarts!
Terug

laatste aanpassing : augustus 2007
  ©ORBID
Home - Identificatie & Registratie - Disclaimer - Sitemap - Vacatures